Het tweede eiland wat we bezoeken is Faial en ligt op nog geen half uur varen van Pico. We schepen in en staan na een rustige overtocht weer met onze voeten op vaste grond in de haven van Horta.





Dit is een belangrijke pleisterplaats voor zeezeilers die tussen Europa en Amerika de oceaan oversteken. Er liggen naast wat vissersboten en beroepsvaart ook heel wat avonturiers in de jachthaven. Het is traditie dat de zeilers een schildering op de kade achterlaten. Hierbij wordt de naam van het schip, de opvarenden en het jaartal van passeren vermeld. In de loop der jaren hebben de creatieve geesten echter de overhand gekregen en worden de schilderingen voorzien van prachtige logo’s en figuratieve elementen.


Wanneer we langs de kade wandelen zien we een stel druk in de weer met potjes verf en penselen. We maken een praatje en het blijken Engelsen te zijn die vanuit de Caraïben op weg zijn naar Lissabon. Daarna hebben ze nog geen vastomlijnd plan, ze zien wel. “Where the Wind will take us” zoals ze zelf zeggen. Ondertussen leggen ze de laatste hand aan hun Sea Art want morgen gaan ze op weg naar Sâo Miguel, een paar honderd zeemijlen oostwaarts. We wensen ze een goede vaart.


Dan komen we een ander “wereldberoemd op de Azoren” fenomeen tegen: Peter Café Sport. Dit café bestaat al 103 jaar en iedere zeiler, bootsman of ketelbinkie heeft hier wel eens een drankje achterover geslagen. Nu hebben wij onze boot thuis gelaten maar we voelen ons zoetwatermatroos genoeg om deze tent binnen te stappen. We bestellen geheel volgens de traditie voor elk van ons een Gin-Tonic en ik moet zeggen dat is geen buiswater. Ze smaken heerlijk en een dag later zorgen we dat we op tijd zijn om hier een hapje te eten. Binnen hangen scheepsvlaggetjes van over de hele wereld. Met een lekker bord friet met vleesspies en allebei een glas van het vermaarde drankje gaan we op de foto.


Na dat veelvuldige bezoek aan het “Sport café” voelen we ons enigszins verplicht om weer eens te gaan bewegen. We bellen na het ontbijt dan ook een taxi die ons vijftien kilometer verder, precies op het midden van het eiland, vlak bij de Caldeira afzet. De Caldeira is een oude vulkaankrater van zo’n twee kilometer in doorsnede en vormt het hoogste punt van Faial. Er loopt een wandelpad precies over het randje waarbij je dus een volledig omtrekkende beweging om de vulkaan kan maken. De uitzichten over het kratermeer maar ook over de rest van het eiland zijn geweldig. De eerste helft lopen we in zon en wind en genieten van deze heerlijke klim- en wandelpartij. De tweede helft lopen we de wolken in die vanaf de noordkant van het eiland tegen de vulkaantop aan worden geblazen. Af en toe valt er een heel licht buitje maar regelmatig ontstaan er gaten in de wolken waarbij we soms in de kratermond een regenboog zien staan.




Na een uur of drie zijn we weer bij START gearriveerd maar helaas ontvangen we geen honderd gulden. We zijn wel het hele speelveld rondgewandeld dus wordt het tijd om onze taxichauffeur Carlos te bellen en te vragen of hij ons weer op pikt. Een half uurtje later komt hij voorrijden en hij is zichtbaar opgelucht dat we zonder schade uit de strijd zijn gekomen. Half in het Engels en voor 90% in het Portugees verteld hij dat het heeft gestort van de regen in Horta. Hij had ons in overhemd en korte broek de berg op zien lopen maar toen het even later noodweer werd maakte zich zorgen of wij niet van de berg zouden spoelen en of hij nog wel een taxiritje aan ons kon verdienen. Het is ook mogelijk dat hij de genoemde voorbeelden in omgekeerde volgorde had gedacht maar desalniettemin was hij blij dat we weer in zijn auto zaten. Dan valt mijn oog op het heiligenbeeldje dat hij midden op het dashboard heeft geplakt. Op de heenreis had ik het beeldje al gezien maar nu vraag ik aan Carlos of dat Maria is. Hij verteld me dat het Fátima is. Ik ken alleen een hockeyspeelster en een kokkin in een Marokkaans Riad met die naam maar ik besluit later nog wel eens op te zoeken hoe dat zit met een Mariabeeldje dat een andere naam heeft. Het is in ieder geval wel duidelijk dat deze beschermvrouwe niet alleen Carlos iedere avond veilig thuis brengt maar ook zijn klanten. Dit keer bleek de veilige haven eens niet een beschut plekje achter een golfbreker te zijn maar zich juist op het hoogste punt van het eiland te bevinden. Precies waar wij door Carlos en Fátima heen zijn gebracht.









Ongelofelijk zo mooi daar..op de foto’s is het al prachtig maar in het echie zal het nog veel mooier zijn
En jullie hebben al heel wat gelopen en nu denk ik naar het volgende eiland of blijven jullie daar nog wat langer.
Kijk er weer naar uit ..veel plezier X
Echt mooi daar! Blijft fijn om jullie avonturen te lezen.
Wilco
hallo Het is toch weer een bijzondere tocht die jullie maken .Heel erg mooi en ook geriefelijk want je kan daar zo de Uber bellen. En dan al die graffiti daar zijn kilometers kade voor nodig.Prachtig Blijf jullie volgen Goeie reis.Gr.van Ma