Epiloog – De honden van Cap Sim

   De binnenplaats is romantisch verlicht met tientallen kaarsen en waxinelichtjes in glaasjes. Uit het geopende raam komen geluiden uit de keuken waar de kok druk bezig is met het bereiden van de maaltijd. Houten tafels en lage banken vol met dikke kussens en mooi verlichte terracotta muren geven een gevoel van vrede en rust. De bloeiende oleanders wiegen nog wat in de avondwind maar de fikse bries die overdag heeft gewaaid is gaan liggen en dat maakt de avond heerlijk rustig en loom. Onze glazen zijn ingeschonken en het voorgerecht is zojuist door Rachid geserveerd. We klinken op de goede afloop van de trekking en nippen van de rode wijn. Dan een heerlijke explosie van peper en knoflook op geroosterde aubergine. Wat een smaak, wat een luxe en wat een rijkdom. Baoussala aan de Atlantische kust. Een kwartiertje rijden vanaf Essaouira en een oase van rust na de chaos in de drukke steden. Marrakech ligt achter ons. De weg voerde ons weg van de stad aan de voet van de bergen en nam ons mee naar een vissersdorp aan de oceaan. Aan de horizon van golven en zee hebben we de zon zien verdwijnen tijdens het maken van een strandwandeling.

   Het strand van Tagenza, wat aan de zuidzijde grenst aan Sidi Kaouki en waarvandaan een kilometer noordwaarts Cap Sim in zee steekt. Hier doet de forse wind het zand opwaaien en de zee schuimen. Grote golven breken voor de kust maar dat maakt de vissers niet te bang om ’s nachts de zee op te gaan om op sardines te vissen. Ze maken hun sloepen gereed, vullen de benzinetankjes en hangen een lichtje in de top van een geïmproviseerde mast. Dan worden de bootjes op een kar naar de vloedlijn gereden en de zee in geduwd. De koffie van het eenvoudige maar gastvrije restaurantje van Abdou warmt ons weer op. De overige gasten zitten niet aan de koffie maar eten smakelijk van rauwe vis waarbij de graten minutieus schoon gesabbeld worden. Ondertussen slobberend uit een bak met water of knagend op een stuk hout zitten ze naast ons of liggen op het terras met hun lijven door het zand te rollen. De honden en katten die hier kind aan huis zijn bevinden zich in een paradijs. Vrij om dag en nacht over het strand achter meeuwen en opgedroogde plukken zeewier aan te rennen. Verwend met verse vis, kliekjes en afval uit de keuken blijven de katten op afstand maar de honden vragen telkens weer aandacht. Het valt op dat bijna elke hond die hier rondloopt een wit pootje heeft of enkele witte teentjes. Waarschijnlijk een erfelijke overdraging over generaties van honden waarbij de familielijnen telkens weer gekruist zijn. Abdou heeft elke hond een passende naam gegeven. Een dik hondje met kromme pootjes heet Maradonna. Op het strand loopt Obama achter een stukgebeten tennisbal aan te rennen terwijl Gorbatsjov, te herkennen aan een zwarte vlek op zijn kop, met zijn jongen speelt. Het teefje met grote opgezette tepels van het zogen lijkt sprekend op Carla Bruni. Vanwege haar mooie ogen welteverstaan. Zo leven hier de groten der aarde in een paradijs van vrijheid en natuur. Wij mogen daar nog even deel van uitmaken en aaien Diego, Barack en Carla over hun buikjes terwijl ze hun kwijlende bekken aan onze broekspijpen af vegen.

   Op dit strand vinden we iets wat we in Nederland hebben achtergelaten, iets wat we ongemerkt hebben gemist, iets wat uiteindelijk het doel is van elke reis en wij vinden het hier. Terwijl we de honden van Cap Sim aaien verlangen we naar ons thuis.